Geschiedenis van de school
Op 2 januari 1917 werd de school geopend als 2-klassige school. In 1919 werd het derde lokaal gebouwd, in 1930 gevolgd door een vierde. In 1950 werd de 'Boshut' gebouwd als eenklassige kleuterschool. Doordat beide scholen op één terrein en onder één bestuur stonden, was dit een positief punt bij de vorming van een basisschool.
In 1986 werd het vierde lokaal omgebouwd tot speelwerklokaal, waarna de 'Boshut' niet langer als lokaliteit werd gebruikt. In het schooljaar 2000/2001 vond een forse verbouwing plaats, waarbij een vijfde en zesde lokaal in gebruik konden worden genomen. Daarnaast werd de school uitgebreid met een ruime personeelskamer, een directiekamer, een grote zolderruimte met extra lokaal, een magazijn en een speciale ingang voor de groepen 1 en 2.
In 2019 is er een nieuwe school gebouwd; het oude gebouw voldeed niet meer aan de eisen van deze tijd. De school is gesitueerd in een multifunctioneel gebouw te Schuinesloot, waar modern en eigentijds onderwijs wordt gegeven.
Schoolgrootte
De schoolbevolking bestaat de laatste jaren uit gemiddeld 100 leerlingen. Dit betekent dat we werken met combinatiegroepen. Het is niet altijd vanzelfsprekend welke groepen worden gecombineerd; dit kan afhangen van grootte en samenstelling. We trachten de onderbouwgroepen zoveel mogelijk te splitsen. In de schoolgids staat ieder jaar vermeld hoe de groepen zijn ingedeeld en welke leerkracht er voor de groep staat. Op dit moment hebben we 5 groepen.
Situering van de school
Onze school ligt in Schuinesloot (gemeente Hardenberg), een rustige, landelijke buurtschap met goede woon- en speelgelegenheden. De school is ondergebracht in een multifunctioneel gebouw op een ruim terrein, iets van de weg af, zodat weinig hinder wordt ondervonden van verkeerslawaai.
Op de royale pleinen is maximale speelruimte. Er is ook gebruik te maken van een sportveldje dat bij de school hoort. In het gebouw is een sportzaal voor bewegingsonderwijs. Het terrein wordt omzoomd door bomen; een gedeelte van het 'schoolbos' staat open voor de leerlingen. Langs het plein staat speelmateriaal: klim- en klautertoestellen en een pingpongtafel.
Het multifunctioneel gebouw bestaat uit de school (De Wegwijzer), een sportzaal en een multifunctioneel gedeelte (Ons Trefpunt), waar school, verenigingen en het dorp gebruik van maken. Het gehele gebouw en de terreinen zijn in eigendom van het schoolbestuur.
Visie en missie
C.N.B.S. "De Wegwijzer" is een christelijke basisschool. Wij vinden dat de school een plek moet zijn waar kinderen, ouders en leerkrachten zich prettig voelen en zichzelf kunnen zijn. Een plek waar iedereen zich veilig en geborgen voelt, vrijheid ervaart, verantwoordelijkheid draagt, een kritische houding ontwikkelt en zelfstandigheid vergroot.
De Bijbel, het Woord van God, is richtinggevend en bepalend voor het denken en handelen in de school. Vanuit deze christelijke levensvisie willen we recht doen aan de eigen aard van het kind en ruimte geven aan de eigen ontwikkeling.
We willen een adaptieve school zijn waar ruimte en aandacht is voor ieder kind. Daarbij staan de volgende uitgangspunten centraal:
- We willen de kinderen als kind zien, niet alleen als leerling.
- We werken aan de totale ontwikkeling van kinderen: sociaal, emotioneel, creatief, lichamelijk en cognitief.
- We maken kinderen bewust van hun verantwoordelijkheid voor elkaar en voor de wereld om hen heen.
- We bieden kinderen een veilige en vertrouwde omgeving.
- We leren kinderen hun eigen mogelijkheden en beperkingen te accepteren en die van anderen te respecteren.
Adaptief onderwijs
De Wegwijzer kiest voor opbrengstgericht en adaptief onderwijs, gebaseerd op de ideeën van prof. L. Stevens. Stevens gaat ervan uit dat mensen vanaf hun eerste levensjaar streven naar competentie, relatie en autonomie. Wij stimuleren dit streven door kinderen uit te dagen, te ondersteunen en vertrouwen te schenken.
Voor adaptief onderwijs is het noodzakelijk dat verschillen tussen leerlingen als vanzelfsprekend worden gezien. Leerkrachten worden uitgedaagd om aan die verschillen tegemoet te komen — niet door ze op te heffen, maar door alle kinderen onderwijs te bieden dat qua vorm, inhoud en timing het best bij hun mogelijkheden en behoeften aansluit.
Psychologische basisbehoeften
Een mens is pas in staat te leren als voldaan wordt aan de psychologische basisbehoeften:
- Relatie: je mag erbij horen, je doet ertoe, je wordt gewaardeerd.
- Competentie: geloof en plezier in eigen kunnen.
- Autonomie: iets zelf kunnen, verantwoordelijkheid dragen.
Instructiegedrag van de leerkracht
Het instructiegedrag van de leerkracht is afgestemd op de autonomie van de leerlingen. Hierbij maken we gebruik van het 12-stappenplan, dat in iedere klas aanwezig is.
Centraal staat het 3-fasen-model: de leerkracht geeft uitleg aan de hele groep. Als een deel van de groep de opgaven begrijpt, laat de leerkracht deze leerlingen los en besteedt aandacht aan de groep die nog instructie nodig heeft. Vervolgens is er ruimte voor extra instructie aan een kleine groep aan de instructietafel.
Naast het 3-fasen-model hanteert de school het directe instructiemodel (DI), met de volgende stappen:
- Dagelijkse terugblik
- Presentatie / lesgeven
- Begeleide inoefening
- Verwerking
- Periodieke terugblik
- Terugkoppeling
De autonomie van de leerlingen komt tot uitdrukking door te werken met een kies-/planbord en dag- en weektaken (DWT). Om de autonomie verder te bevorderen, wordt aandacht besteed aan coöperatief leren.
Coöperatief leren
- Coöperatief leren tijdens de instructie (om de denkactiviteit van leerlingen te vergroten)
- Coöperatief leren tijdens de verwerking
- Coöperatief leren als didactische structuur
- Coöperatief leren als voorbereiding op een toets
- Coöperatief leren voor het inoefenen van tafels, woordenschat en dictee
Communicatie in de klas
Binnen elke groep (met uitzondering van groepen 1 en 2) hebben leerlingen een teken (de 'dobbelsteen') waarmee de leerkracht kan zien of een leerling hulp nodig heeft. De leerkracht geeft op zijn of haar beurt met een kleurcode aan of leerlingen hem of haar mogen storen, of dat ze even zelfstandig moeten werken.
Klasseninrichting
De klas is zo ingericht dat leerlingen de benodigde materialen zelf kunnen pakken. De kasten zijn open en toegankelijk. Materialen zijn logisch verspreid over het lokaal, de stilteruimte en de leerpleinen. Leerlingen zitten in groepen op de leerpleinen en kunnen elkaar altijd raadplegen. Voor prikkelgevoelige kinderen of kinderen die even alleen willen werken, is een stilteruimte beschikbaar.
Onderwijs in groep 1 en 2
We hanteren een mengvorm van programmagericht werken (met Dorr als leerlingvolgsysteem) en ontwikkelingsgericht werken, waarbij wordt ingegaan op de verschillen per leerling. De volgende ontwikkelingslijnen worden gevolgd:
- Auditieve waarneming
- Ruimtelijke oriëntatie
- Visuele waarneming
- Taal-denken en taal-lezen
- Rekenen-denken
- Taal-communicatie
- Fijne motoriek
- Grove motoriek
- Sociaal-emotionele ontwikkeling en spelontwikkeling
- Werkhouding
De activiteitenblokken worden methodisch aangevuld met materialen voor fonemisch en gecijferd bewustzijn. Vier keer per jaar wordt een thema uit "Schatkist" behandeld, met twee ankerpunten per thema. Gedurende het hele jaar wordt de digitale methode van Schatkist gebruikt.
Ononderbroken ontwikkelingsgang
We zorgen voor een ononderbroken ontwikkelingsgang. Dat betekent onder andere:
- Rekening houden met de persoonlijkheid van elk kind.
- Activiteiten afstemmen op de ontwikkeling van het kind.
- Het kind de mogelijkheid geven om in eigen tempo en begaafdheid een minimumpakket te doorlopen (met de digitale methode Snappet).
- Op gezette tijden vaststellen welke problemen kinderen ondervinden, en bepalen hoe zij verder geholpen kunnen worden.
- Zorgen voor een doorgaande lijn van groep 1 tot en met 8.
Leerlingvolgsysteem en zorg
Het leerlingvolgsysteem (LVS) is opgezet met het computerprogramma LOVS van Cito. Twee keer per jaar worden scores vergeleken op schoolniveau en met het landelijk gemiddelde, en worden trendanalyses gemaakt.
De Wegwijzer heeft de inspanningsverplichting op zich genomen om de IV- en V-scores niet boven het landelijk gemiddelde uit te laten komen. Voor meerbegaafde leerlingen (de 20% hoogst scorenden) is er de mogelijkheid om op woensdagochtend lessen te volgen in de plusklas van het samenwerkingsverband, en/of op school te werken met de pittige plustorens en andere lesmethoden.
Het team krijgt nascholing om zich te verdiepen in de mogelijkheden voor de begeleiding van risicoleerlingen én begaafde leerlingen.
Wilt u nog meer weten? Raadpleeg dan onze schoolgids en ons schoolplan, of kom een keer langs voor een kijkje in de klas en een gesprek met de leerkracht of directeur.
Lidy Tuin
Directeur